ReflexintegratieReflexen uitgelegd

Rooth

Rooting (zoekreflex)

De Rooting-reflex, ook wel de zoekreflex, is een vroege reflex die een baby helpt om voeding te vinden.

Wanneer de wang of het gebied rond de mond zacht wordt aangeraakt, draait de baby het hoofdje in die richting. De mond opent zich en het lichaam zoekt naar de borst of fles.

Alsof het jonge lichaam voelt: daar is nabijheid, daar is voeding, daar vind ik mijn veilige haven.

Hoe werkt deze reflex?

De Rooting-reflex is vanaf de geboorte aanwezig. Hij helpt een pasgeboren baby om de borst of fles te vinden en goed aan te happen.

In de eerste maanden is deze reflex dus heel belangrijk. De baby hoeft nog niet bewust te zoeken; het lichaam weet vanzelf: ik draai naar de aanraking toe, ik zoek voeding en geborgenheid.

Je kunt het vergelijken met een klein bootje dat de vuurtoren volgt. De aanraking wijst de weg, en het lichaam vaart als vanzelf naar de bron van voeding en veiligheid.

Meestal verdwijnt deze reflex rond de leeftijd van 3 tot 4 maanden geleidelijk naar de achtergrond. Daarna wordt drinken steeds bewuster en beter afgestemd.

Signalen van een nog actieve reflex

Wanneer de Rooting-reflex nog actief meebeweegt, kan het gebied rond de mond gevoelig blijven. De mond zoekt dan soms nog naar prikkels om rust, houvast of regulatie te vinden.

  • Duimzuigen na het vijfde jaar
  • Veel op dingen kauwen, zoals mouw, kraag, potlood of pen
  • Nagelbijten
  • Gevoeligheid rond mond, lippen of wangen
  • Moeite met articulatie of duidelijk spreken
  • Sterke behoefte aan orale prikkels om rustig te worden

Voorbeelden uit de praktijk

Een kind in groep 4 kauwt bijna altijd ergens op. Soms op een potlood, soms op een mouw, soms op de rand van de kraag. Het lijkt een gewoonte, maar voor het kind kan het ook een manier zijn om rust te vinden.

Filmpje ter illustratie

Filmpje van een externe bron (YouTube). Bekijk het op eigen gelegenheid - Simone heeft het uitgekozen ter illustratie, maar is niet de maker ervan.