ReflexintegratieReflexen uitgelegd

Landau

Landau

De Landau-reflex kun je zien als een vroege oprichtreflex van het lichaam.

Wanneer een baby op de buik ligt en het hoofd optilt, strekt de rug zich mee. Ook de armen en benen kunnen omhoogkomen. Het lijkt een beetje alsof de baby als een klein vliegtuigje boven de grond zweeft.

In de taal van de Jutter Coaching kun je zeggen: alsof het lichaam leert om de boeg op te tillen, de rug te versterken en zich klaar te maken om verder te groeien.

Ik richt mij op, ik vind mijn kracht, ik draag mezelf.

Hoe werkt deze reflex?

De Landau-reflex verschijnt meestal rond de leeftijd van 4 tot 6 maanden. Een baby die op de buik ligt, tilt dan het hoofd, de borst, de armen en de benen op. Deze beweging helpt bij het opbouwen van rugspanning, rompstabiliteit en controle over het hoofd.

Dat is belangrijk voor de verdere ontwikkeling. Een kind heeft deze stevigheid later nodig om goed te kunnen zitten, kruipen, spelen, schrijven en de aandacht vast te houden.

Je kunt het vergelijken met een jong kind dat leert om stevig op het dek te staan. Eerst is er nog veel inspanning nodig om het lijf op te richten. Later komt er meer kracht vanbinnenuit en wordt rechtop zitten en bewegen vanzelfsprekender.

De Landau-reflex verdwijnt meestal niet ineens, maar wordt geleidelijk geïntegreerd in de eerste levensjaren. Binnen reflexintegratie wordt vaak gekeken naar de periode van ongeveer 1 tot 3 jaar.

Signalen van een nog actieve reflex

Wanneer de Landau-reflex niet soepel geïntegreerd is, kan het lichaam moeite hebben met oprichten, houding en volhouden. Alsof de mast nog niet stevig genoeg staat en het lijf snel inzakt wanneer de dag veel vraagt.

  • Een slappe of ingezakte houding
  • Snel vermoeid raken
  • Moeite met rechtop zitten
  • Moeite met concentratie
  • Onrustig of juist hangerig gedrag
  • Wazig zien of moeite met visuele focus
  • Schrijven dat steeds slordiger wordt naarmate het langer duurt

Voorbeelden uit de praktijk

Een kind oefent de tafeltjes aan tafel. Na vijf minuten hangt het al onderuit op de stoel. Het hoofd zakt, de rug wordt rond en de aandacht glijdt weg. Niet omdat het kind niet wil, maar omdat het lichaam veel kracht nodig heeft om rechtop en wakker te blijven.
Een schoolkind begint netjes aan een schrijfopdracht. De eerste regels zijn goed leesbaar, maar naarmate het langer schrijft, wordt het schrift steeds slordiger. De hand doet zijn best, maar de rug, romp en aandacht raken vermoeid. Alsof het schip langzaam scheef gaat hangen wanneer de wind blijft trekken.
Een kind lijkt voortdurend te wiebelen, draaien of bewegen op de stoel. Soms is dat geen onwil, maar een manier om het lichaam wakker en overeind te houden.

Filmpje ter illustratie

Filmpje van een externe bron (YouTube). Bekijk het op eigen gelegenheid - Simone heeft het uitgekozen ter illustratie, maar is niet de maker ervan.