ReflexintegratieReflexen uitgelegd
A.GaitAutomatic Gait
De Automatic Gait-reflex wordt ook wel de automatische loopreflex of stapreflex genoemd.
Wanneer een pasgeboren baby rechtop wordt gehouden, met de voetjes op een stevige ondergrond, kan het lijken alsof hij kleine stapjes zet. Natuurlijk kan de baby nog niet bewust lopen, maar het lichaam oefent al met ritme, afzetten en bewegen.
Alsof het jonge lichaam heel even de eerste passen over de kade verkent: ik voel de grond, ik beweeg mee, ik oefen mijn eerste koers.
Hoe werkt deze reflex?
De automatische loopreflex is bij pasgeboren baby’s aanwezig. Wanneer de voetjes een ondergrond raken en het lichaam rechtop wordt ondersteund, kunnen de benen vanzelf een stappende beweging maken.
Deze reflex verdwijnt meestal rond de leeftijd van 2 maanden. Later komt lopen terug als bewuste, vrijwillige beweging, wanneer spieren, balans, rompstabiliteit en het zenuwstelsel daar rijp genoeg voor zijn. Bronnen zoals HealthyChildren en Cleveland Clinic beschrijven ook dat de stepping reflex rond 2 maanden verdwijnt en later plaatsmaakt voor geleerd lopen.
Je kunt het vergelijken met een kind dat eerst even mag voelen hoe het is om over het dek te bewegen. De echte stevige stappen komen later, wanneer het lichaam sterker is en het innerlijke kompas beter is afgestemd.
Binnen reflexintegratie wordt gekeken of het lichaam ritme, tempo, balans en voortbewegen soepel kan organiseren. Niet elk kind dat later loopt of wat onhandig beweegt, heeft met deze reflex te maken. Het is altijd belangrijk om breder te kijken naar de ontwikkeling van het kind.
Signalen van een nog actieve reflex
Wanneer deze vroege stapbeweging niet soepel geïntegreerd is, kan een kind moeite hebben met ritme, tempo, balans of voortbewegen. Alsof de voeten de maat van de golven nog niet helemaal vinden.
- Later of moeizamer leren lopen
- Moeite met evenwicht
- Onzekerheid bij rennen, springen of traplopen
- Moeite met ritme en tempo
- Bewegingen die houterig of ongecoördineerd verlopen
- Het tempo van de klas moeilijk kunnen bijhouden
Voorbeelden uit de praktijk
Een kind liep pas ruim na de eerste verjaardag zelfstandig. Ook later blijft bewegen spannend: rennen gaat wat houterig, traplopen vraagt aandacht en evenwicht houden kost veel energie. Alsof de voeten nog zoeken naar een stevig pad over het dek.
Een leerling kan de sommen goed maken, maar raakt achter omdat het tempo van de klas hoog ligt. Het denken lukt wel, maar het schakelen, reageren en meebewegen met het ritme van de groep vraagt veel kracht.
Een kind loopt, rent of springt liever niet mee met spelletjes. Niet omdat het niet wil, maar omdat het lijf nog niet voldoende vertrouwen voelt in balans en timing.
Filmpje ter illustratie
Filmpje van een externe bron (YouTube). Bekijk het op eigen gelegenheid - Simone heeft het uitgekozen ter illustratie, maar is niet de maker ervan.
