ReflexintegratieReflexen uitgelegd

HG

Hands Grasping (palmgreep)

De Hands Grasping-reflex, ook wel de palmgreep genoemd, is een vroege grijpreflex van de hand.

Wanneer je een vinger of voorwerp in de handpalm van een baby legt, sluiten de vingers zich vanzelf. De baby grijpt nog niet bewust, maar het lichaam oefent al met vasthouden, voelen en later weer loslaten.

Alsof een kleine hand zich vastgrijpt aan een touw aan boord: hier vind ik houvast, hier begint mijn grip op de wereld.

Hoe werkt deze reflex?

De palmgreep is bij de geboorte aanwezig. Door aanraking of druk in de handpalm sluiten de vingers zich automatisch.

In de eerste maanden helpt deze reflex het jonge lichaam om de handen te ontdekken. Later groeit daar steeds meer bewuste controle uit: gericht pakken, loslaten, knippen, tekenen, schrijven, knopen dichtmaken en veters strikken.

Je kunt het zien als een kind dat leert jutten aan de vloedlijn. Eerst grijpt het handje vanzelf naar wat het tegenkomt. Later leert het kiezen: wat pak ik op, wat laat ik liggen, hoe gebruik ik mijn handen met aandacht?

Meestal verdwijnt deze reflex geleidelijk naar de achtergrond tussen ongeveer 4 en 6 maanden, al noemen medische bronnen soms dat hij al eerder afneemt of rond 5 à 6 maanden verdwijnt. Belangrijk is vooral dat de reflex plaatsmaakt voor bewuster grijpen en loslaten.

Signalen van een nog actieve reflex

Wanneer deze reflex nog actief meedoet, kunnen de handen moeite hebben om soepel samen te werken met aandacht, kracht en fijne beweging. Alsof het touw nog te strak in de hand ligt en loslaten meer moeite kost dan vasthouden.

  • Een zwakke of juist gespannen pengreep
  • Moeite met netjes en ontspannen schrijven
  • Snel vermoeide handen bij tekenen of schrijven
  • Moeite met fijne motoriek, zoals knopen, ritsen of veters strikken
  • Aankleden dat veel tijd of hulp vraagt
  • Moeite met goed doseren van kracht in de handen

Voorbeelden uit de praktijk

Een kind verliest steeds opnieuw het potlood tijdens het schrijven. Niet omdat het niet oplet, maar omdat de hand nog zoekt naar de juiste grip. Het potlood glijdt weg, de vingers raken moe en schrijven wordt hard werken.
Een schoolkind in groep 4 heeft nog vaak hulp nodig bij het strikken van veters. De stappen zijn bekend, maar de vingers krijgen het niet makkelijk voor elkaar. Alsof de handen nog oefenen met de kleine knopen en lussen van het dagelijks leven.
Een kind kleurt of schrijft maar kort en legt dan het potlood neer. De hand is moe, de grip voelt onhandig en het plezier verdwijnt snel.

Filmpje ter illustratie

Filmpje van een externe bron (YouTube). Bekijk het op eigen gelegenheid - Simone heeft het uitgekozen ter illustratie, maar is niet de maker ervan.